by PushtoLearn
Their vs There: verschil en gebruik
Inhoudsopgave
Their vs There – Oefeningen
Deze oefening richt zich op their vs there.
Wanneer gebruik je “their”
“Their” is een bezittelijk bijvoeglijk naamwoord. Het laat zien dat iets toebehoort aan een groep mensen (of soms dieren of dingen). Gebruik “their” wanneer je praat over iets dat van “hen” is.
Voorbeelden van “their”
-
Their house is beautiful. (The house belongs to them.)
-
The students forgot their books. (The books belong to the students.)
-
Dogs wag their tails when they’re happy. (The tails belong to the dogs.)
In deze voorbeelden geeft “their” bezit of eigendom aan.
|
Gebruik |
Voorbeeldzin |
|
Bezit van dingen |
Their car is parked outside. |
|
Eigendom van dieren |
The cats like to chase their toys. |
|
Behoren / verbondenheid tonen |
The kids are playing with their friends. |
Wanneer gebruik je “there”
“There” heeft meerdere betekenissen en gebruiken. Het kan functioneren als voornaamwoord, bijwoord, zelfstandig naamwoord of bijvoeglijk naamwoord, afhankelijk van de context. De meest voorkomende gebruiken van “there” zijn het aanwijzen van een plaats of het introduceren van iets.
Veelvoorkomende gebruiken van “there”
-
Een plaats of locatie aangeven:
-
The book is over there. (Location)
-
He lives there. (Location)
-
Iets introduceren:
-
There is a problem with the car. (Introducing a situation)
-
There are many reasons to visit the museum. (Introducing reasons)
|
Gebruik |
Voorbeeldzin |
|
Een plaats aanwijzen |
The keys are over there on the table. |
|
Iets introduceren |
There is a solution to every problem. |
|
Bestaan aangeven |
There are plenty of options available. |
Tips voor dagelijks gebruik
-
Gebruik “their” wanneer je praat over iets dat toebehoort aan een groep (bezittelijk).
-
Gebruik “there” wanneer je een plaats wilt aanwijzen of iets in een zin wilt introduceren.